U bent hier

Uit het OCMW-archief Moorslede: oorlogsschade Colliemolenhoeve, Oostnieuwkerke

HEROPBOUW VAN EEN HOEVE NA DE OORLOG
zo, 27/08/2017 - 21:59

Ook op de landbouwers had de Grote Oorlog een grote impact. De Colliemolenhoeve (Colliemolenstraat 40 in Oostnieuwkerke – nu een gastenverblijf met feestruimtes) behoorde vroeger toe aan het Armbestuur van Moorslede.

De toenmalige pachter, Camiel Saelens, liet grondige herstellingswerken ten gevolge van de oorlog uitvoeren en vorderde de kosten terug bij het Armbestuur. Het Armbestuur diende vervolgens een schadeclaim voor vergoeding van geleden oorlogsschade in bij het Ministerie voor Oorlogsschade.

Zowel het vonnis als de rekeningen van de uitgevoerde werken worden in het OCMW-archief van Moorslede bewaard. Naast een uitvoerig relaas van de uitgevoerde werken, is ook een vermelding dat de Duitsers de hoeve gebruikten om er zieke koeien te stallen heel bijzonder. Na de oorlog werden de dieren van de landbouwer immers nog geregeld getroffen door de pokken: de ziektekiemen hadden zich volgens de landbouwer in het metselwerk genesteld, wat hij dan ook had laten verwijderen.

“Ondergetekende bouwmeester Ch Van Moerkerke gelast bij volmacht verleend aan het Armbestuur te Moorslede verklaardt door het onderteekenen dezer dat de genaamde Camiel Saelens de volgende werken ten zyne laste heeft uitgevoerdt zoals, plaatsen van gebloeimde cimenttegels in het woonhuis, de plafons in hout uitgevoerdt in plaats van in plakwerk, marmer schouwen en venstertabletten in plaats van in hout, toegieten der kelder en bevloeren der volte in plaats van in houten rebben en plancher, het dak bekleden met Eterniet in plaats van plakwerk. Het verfraaien van de binnedeuren, deze laten in kielderiehout uitvoeren, in plaats van deelen hout, glas geplaatst in plaats van eene euzie plank alles te samen ten bedrage van drie duizend vyf honderd en vyf frank en 85 centiemen.

Verder heeft hy noch rechtstreeks uitgevoerdt ten zynen laste de[x] en de volgende werken aan het huis en stalling. Het schilderen van Frisco in het woonhuis, eene ingemaakte kas, vernieuwen van de voordammen, kleine yzeren poort, versiering aan de groote poort, afsluiting muur gebouwdt tusschen poort en schuur. Den pooiweeg muur opgebouwdt en er yzeren balken geplaatst in den tas, daar deze nu dien als vette magazyn en dit voorzien van eenen vloer, verschillige kiekestallen, een groote hangaar, al de yzeren hekkens, bergplaats voor eene voiture, eenen broodoven en regenput geplaatst. Het Armbestuur zal dienen rekening te houden met de bywerken die den landbouwer voor zyne rekening heeft uitgevoerdt daar hy het koestal die vroeger was toegesteken en waarvan maar een gedeelte beschadig was door den oorlog heeft uitgebroken en tot heden toe alzoo gelaten, volgens zyne bewering had hy seder den oorlog altyd de pokziekte in zyn stal, die hy toeschreef aan de slechte moortel, waarmede deze toegesteken waren en daar zyn stal gedurende den oorlog gediend had als lazaret voor zieke koeien der Duitschers, dacht hy al de kiemen er ziekte zich daarin hadden vastgezet, want alle verzorgingen had hy reeds beproefd op den raad van den Expert die vruchteloos bleven. Doch hy heeft my beloofdt deze terug in vorigen staat te stellen.

 

Afgegeven te Moorslede den 15 Januari 1917 Den Bouwmeester Ch Van Moerkerke.”